Ridder Lars 2

Ridder Lars

Ridder Lars en het mysterie van de verdwenen ezel

Dit (vervolg)verhaal is geschreven door Dennie Maas .

In het kader van zijn opleiding OnderwijsAssistent.

Het was een mooie zomerdag in Doetinchem . Ridder Lars was samen met zijn page in de stallen bezig om zijn paard Bliksem te wassen. “Ridder Lars, Ridder Lars”, werd er hard geroepen. Die malle ezel is verdwenen!”Wat hoe kon dat gebeuren”! “Dat weten we niet meneer”
Zo snel als hij kon maakte de page het paard van Ridder Lars klaar voor vertrek. Ridder Lars liep naar de stallen toe om te kijken of er nog aanwijzingen waren waar Malodeur heen gegaan kon zijn.
Er lag een briefje. In de donkere bossen van Zwolle zullen wij ons verenigen om tot een onverslaanbaar duo te herreizen.

Zo snel als hij kon ging Ridder Lars met zijn page naar de wapenkamer. Hij werd in zijn harnas gehesen en hij besloot om zijn zwaard en een speer mee te nemen. Toen hij naar buiten liep dacht hij ineens aan dat ene boek.

Hij ging naar de verboden kamer toe en pakte het boek waar hij de vorige keer in had gelezen hoe hij Malodeur kon verslaan. Toen hij buiten kwam had het nieuws zich snel verspreid dat Malodeur ontsnapt was.

“Pak hem nu maar dan voorgoed!!”, werd er van alle kanten geroepen. De bewoners van het dorp waren bijna allemaal gekomen behalve 1 vrouw. Ze heette Mariana en was stiekem verliefd op Ridder Lars.

Ridder Lars wist het zelf nog niet omdat hij het veel te druk had met het bestrijden van het kwaad. Toch viel het hem op dat de vrouw met de mooie roodglanzende haren er deze keer niet bij was.

Ridder Lars wist toevallig waar Mariana woonde, dus hij ging op zijn paard naar het huisje van haar toe. “Waarom zeit gij niet naar mijn uittocht gekomen o mooie vrouw”? “Ik kan het niet aanzien hoe u uitrijdt en misschien nooit meer terug komt,” snikte Mariana

“Vrees niet vrouwe ik zal het kwaad verslaan en terugkomen”.
“Alleen om u weer te zien”
“Het goede overwint ALTIJD”

Zo reed Ridder Lars uit naar de bossen van Zwolle. Het was een korte rit en laat in de namiddag kwam hij aan bij het bos. Dit was iets wat hij nog nooit had gezien. Hij zag GroenBlauwe rook boven de bossen uitkomen.
Hij nam het boek uit zijn zadeltas en begon te bladeren. Op pagina 278 zag hij het.
GroenBlauwe rook: Pas op voor deze rook! Als je het inademt zal je in een eeuwige slaap vallen. Bestrijd het met speciaal gemaakt water.
Hiervoor heb je nodig : Schors van een Den, een Paardenbloem, 2 Blaadjes van een Iep en een Kikkerbil. Als je de rook hebt bestreden gooi dan het mengsel over de Tovenaar(s) heen.
Zij zullen dan uitdrogen en in elkaar zakken . Er blijft dan niet meer over dan een hoopje botten.

Ridder Lars ging op zoek naar de ingrediënten en toen het donker was had hij ze allemaal verzameld. Hij besloot eerst een dutje te doen voordat hij ten strijde ging tegen Malodeur. Het was ochtend en de zon kwam op. Ridder Lars keek nog eens boven de bossen en de GroenBlauwe rook was er nog steeds.
Maar nu was er iets veranderd….. Steeds als de rook zichtbaar was kwam er een mooie zwoele stem uit het bos.

De stem zong dan een raar liedje. Ook leek het wel of er een nieuw soort muziek bij was. Ridder Lars had nog nooit zoiets moois gehoord. Hij nam zijn speciaal gemaakte mengsel mee en reed samen met Bliksem de bossen in. Het bos werd steeds dikker en donkerder. Op een gegeven moment was het zo donker dat hij niets meer zag.
“Wat moet ik nu,” dacht Ridder Lars bij zichzelf.
Opeens zag hij een grote lichtflits en daarin kwam een vaag gezicht te voorschijn. “Vrees niet edele ridder, het goede overwint altijd”. En zo snel als het gezicht kwam was het weer weg.

Ridder Lars pakte een fakkel en kapte zich met zijn zwaard een weg door het dichte donkere woud. Hij kwam bij een open plek waar hij Malodeur zag. MAAR deze keer was hij niet alleen. Hij zag een vage schim die hij niet kom plaatsen.
Het was een slechte geest waar Malodeur mee samenwerkte. Hij sprak een spreuk uit : Ignis mutatres en daarna Cogito ergo sum

Deze spreuken kende Ridder Lars; ze betekenden : Ik denk dus ik besta behoed u voor het vuur. “Wat zou dit nu weer kunnen betekenen,” dacht Ridder Lars. Hij bleef waakzaam toekijken hoe de rook uit de pot bleef komen. En toen gebeurde het. Uit de pot kwam een grote steekvlam die tot boven de wolken kwam.

Ridder Lars sprong uit de bossen en riep : “STOP!! Nu is het genoeg!!!” Malodeur sprak een boze spreuk uit en de GroenBlauwe rook kwam de kant van Ridder Lars op.

Snel pakte Ridder Lars een stuk stof uit zijn zak en deed het voor zijn mond, flitste naar zijn zadeltas en pakte zijn potje met het speciale mengsel. De GroenBlauwe rook kwam de kant van Ridder Lars op en de geest zweefde naar de pot toe. Hij zoog wat rook op en zweefde naar Ridder Lars toe. Recht voor Ridder Lars spuugde hij het uit.
Gelukkig had Ridder Lars al een doek voor zijn mond, want anders…. Hij trok zijn zwaard en sloeg dwars door de geest heen. Maar er gebeurde niets.
“IK BEN ONVERSLAANBAAR,”riep de geest met eem holle stem. Ridder Lars pakte met zijn hand wat van het speciale mengsel en gooide het naar de geest toe. De geest maakte een harde kreet : NEEEEEEEE.

Hij zakte in elkaar en Ridder Lars zag dat het mengsel wel effect had. Er lag niets meer dan een hoopje botjes op de grond. Malodeur werd zo rood als een tomaat van woede en hij deed weer een spreuk.

“DEZE ROOK STINKT, HOUD UW ADEM IN OF UW STIKT”.

De rook werd opeens weer paars. Ridder Lars sprong op Bliksem en ging in galop richting de pot. Hij gooide het zakje met mengsel naar de pot. “NEEEEE, ” schreeuwde Malodeur.

Maar hoe kon dit nou? Ridder Lars gooide NOOIT mis. En toch lag het zakje naast de pot. Ridder Lars keek naar Malodeur. Hij zag nog net hoe de gemene tovenaar met en toverspreuk het zakje had afgeketst. Malodeur sprong op zijn paard en reed naar de pot. “JE KAN ME NIET MEER VERSLAAN” , riep hij.

Ridder Lars pakte de teugels en trok ze strak aan. Malodeur deed het zelfde. Ze reden op elkaar af op volle snelheid. Met zijn zwaard stootte Ridder Lars Malodeur van zijn paard af. Malodeur viel met een flinke smak op een wortel van een boom. Hij bleef doodstil liggen.

Ridder Lars liep naar de pot toe waar het zakje naast lag en gooide het in de pot. De pot begon hevig te borrelen en hij maakte dat hij wegkwam. De pot explodeerde met een enorme knal. BOOEEMMMM!! klonk het en al de vogels uit het donkere woud vlogen op. Ze waren zo erg geschrokken dat het ineens doodstil was in het woud. De pot was verdwenen en Malodeur lag niet meer waar hij was. Er lag een hoopje botjes en nu wist Ridder Lars het zeker: die komt nooit meer terug.

“Open de poorten Ridder Lars is teruggekeerd!!, ”schreeuwden de poortwachters. De grote zware poort van het kasteel werd geopend en Ridder Lars reed triomfantelijk het kasteel binnen. De mensen verzamelden zich allemaal op het binnenplein in afwachting van het verhaal van Ridder Lars.
Behalve 1 iemand…. Mariana zat in haar huisje huilend van geluk dat Ridder Lars weder was gekeerd.

Opeens werd er aangeklopt. Mariana keek uit het raam en daar zag ze het. Het glimmende harnas van Ridder Lars. “Mag ik binnenkomen”, vroeg Ridder Lars met een lach op zijn gezicht.

Mariana zei niets , nee, in plaats daarvan gaf ze hem een kus. Eenmaal op het plein aangekomen zagen de mensen dat Ridder Lars niet alleen was. “Wie is deze vrouw die u mee heeft gebracht”. “Dit dames en heren, dit wordt binnenkort mijn vrouw”. De menigte juichte van geluk en iedereen riep ”Lang leve het bruidspaar!!!”

Ze trouwden en leefden nog lang en gelukkig.

1 Ster2 Sterren3 Sterren4 Sterren5 Sterren (1 Beoordeling, gemiddeld: 5,00 van 5)
Loading...


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Zoeken
Beoordelingen
Gesponsorde links
Recente reacties
Meer gesponsorde links